Sander Leest | ‘Een makelaar ontpopt zich als verteller’

<p>De omslag van het boek van Jan Bennink. Foto: PR</p>

De omslag van het boek van Jan Bennink. Foto: PR

'Een makelaar ontpopt zich als verteller'

ACHTERHOEK - Hartelijk, met humor en tegelijkertijd nuchter schrijft Jan Bennink over zijn leven als makelaar in het buitengebied.

De wereld is verzakelijkt en privacy is een groot goed. Voor je het weet lees je iets op internet terug dat voorheen slechts in kleine kring rondzong.

Als makelaar bijvoorbeeld moet je tegenwoordig nóg voorzichtiger zijn als je iemand wil laten meegenieten van sappige of grappige details rond een bepaalde transactie.

Laatst liet een makelaar zich bij de bezichtiging van een Zutphens huis ontvallen dat de beoogde koper (iemand uit de regio) niet raar moest opkijken als nog dezelfde dag een bod van ver boven de vraagprijs uit de Randstad zou neerdalen: van iemand die het huis hooguit van de foto’s op Funda kende. Nieuwe tendens.

Aan dat bod zou best een mooi verhaal vast kunnen zitten, maar erg avontuurlijk klonk het op voorhand niet.

Mensen-met-veel-geld-op-huizenjacht zijn er altijd geweest. En aankopen zonder bezichtingen vooraf óók. In plaats van Funda.nl had je brochures. Al kun je daarin lang niet zo langdurig browsen als op de populaire makelaarssite.

In het boek Baronnen, boeren, buitenlui blikt Jan Bennink, makelaar in het buitengebied (Achterhoek, Salland, Veluwe, Schotland), terug op de tijd vóór Funda. Als levenslang bewoner van bebouwde kommen ging bij mij geen belletje rinkelen, maar voor vele anderen blijkt Jan Bennink een bekende naam. Als makelaar in onroerend goed én als verhalenverteller. Die twee hoedanigheden leidden tot de geboorte van dit boek. Nee, bij vertelt geen mooie makelaarspraatjes, maar anekdotes met oog voor detail en respect voor zijn klanten: hij leeft met ze mee, die bonte mengeling vaak best eigenaardige types die hij beroepshalve mocht ontmoeten en begeleiden.
In z’n algemeenheid kun je zeggen dat het er vroeger gemoedelijker aan toeging, maar allicht wordt dat oordeel vertroebeld door het feit dat de verhalen – korte, prettig leesbare hoofdstukken – met veel hartelijkheid zijn opgeschreven, terwijl de stijl toch nuchter blijft. En de humor is nooit ver weg.

De moderne tijd sijpelt van alle kanten de verhalen binnen. Zo bericht Bennink over de onwennige invoering van het eerste officiële ‘bestemmingsplan’ in een Achterhoekse gemeente, jaren zestig. Een buitenplaats die had gediend als onderkomen voor ‘de verzorging en verpleging van geestelijk onvolwaardige, ongehuwde moeders’ kreeg van de gemeente opnieuw exact die doelstelling mee. Dat maakte het er voor een makelaar niet makkelijker op, zoals Bennink aan een verbouwereerde wethouder probeerde uit te leggen.

Nog iets nieuwerwets dat steeds meer in zwang kwam: rondwegen. Het daarmee gepaard gaande lawaai heeft de prijzen van heel wat fraaie optrekjes op het platteland doen kelderen. Maar gelukkig: aspirant-koper kolonel Kaal had daar geen problemen mee. Bennink schrijft: ‘

ik was er in de loop van het gesprek al wel achtergekomen dat het kanongebulder niet geheel ongemerkt aan zijn trommelvliezen voorbij moest zijn gegaan.’ Veel belangrijker dan de onhoorbare herrie was voor de kolonel de beschikbare ruimte in de ingebouwde slaapkamerkast. Die bleek groot genoeg voor onkreukbare berging van zijn uniformen. Het stemde hem tevreden. De koop kon dan ook doorgang vinden.

Meer berichten
 

Dagelijks het laatste nieuws in je mailbox ontvangen?

Aanmelden

Wat vindt u?

Wat vindt u? Moet het uiterlijk van Zwarte Piet veranderen?



Reageren!