Columns

Uut 't Wald | Spatseren

  Column

Zoals vorige week beloofd gaan we het nog een keer hebben over 'het met behulp van je benen voortbewegen'. Oftewel lopen. Een woord dat (hier en daar zonder de letter n) ook in het Achterhoeks wel gebruikt wordt. Maar een Achterhoeker kan het ook hebben over gaon, als ie lopen bedoelt. Bijvoorbeeld als hij een afstand wil aangeven: een half uur gaon zal een dikke twee kilometer zijn. En kinderen die nog niet kunnen lopen zijn met een heel oud Achterhoeks woord ongaonde kinder. Nog een paar oude woorden die lopen betekenen: traeden (traenn), sapken of spatseren. Het laatste lijkt trouwens wel heel erg op spazieren, het woord dat onze oosterburen voor wandelen gebruiken.

Tegenwoordig pakken velen de auto zelfs nog voor een stukje van een paar honderd meter, maar vroeger werden de meeste afstanden nog te voet afgelegd. Te vote, op zijn Achterhoeks. Of lope(n)s. Maar met een verwijzing naar de discipelen van Jezus die immers altijd te voet gingen kun je ook zeggen dat je 'per apostelpeerd' gaat. En doe je dat ook nog eens op blote voeten, dan heet dat lopen in de Achterhoek pladdeken.

Lopen kun je in wandeltempo doen, maar je kunt ook even flink doorlopen. Stevenen heet dat in onze streektaal. Maar ook wel stieselen. Loop je daarentegen op je gemak, dan ben je aan het gengelen. Of aan het köttelen, kösteren, sökkelen, dröntelen, schungelen, slegelen, drömmelen, stathakken, sleuren of baejeren. Of je loopt as 'n slakke dee galoppeert. Ik zei het vorige week al: het Achterhoeks is een rijke taal!

Meer berichten